21-12-07

Peru

Mijn eerste keer was ik al 25.

Neen, trekt u niet de conclusie dat ik ook op dat vlak een laatbloeier was. Dààr was ik vroeg bij.

Ik bedoel de eerste keer dat ik Peru zag. Ik was direct verkocht. Liefde op het eerste gezicht, compleet met verhoogde hartslag, een voortdurende staat van opgewondenheid en hete tranen toen ik mijn geliefde moest verlaten.

Het was gebrek aan geld dat me dwong terug te keren naar Europa. Met nauwelijks veertigduizend frank op zak was ik naar Chili vertrokken en ik zou wel zien hoe lang ik voor dat geld kon rondreizen. Drie maanden, dus.

Drie maanden van ‘Freya in Wonderland’, doorheen Chili en Bolivië, naar Peru.

Eindelijk thuis. Eindelijk het gevoel dat mijn voeten liepen waar ze thuishoorden.

 kaart peru

Ik weet niet hoe dat komt, ik eer mijn eigen land nochtans bijzonder hoog. Maar het is pas in Latijns Amerika dat ik het gevoel heb dat mijn bloed met grotere kracht stroomt en dat ik me vrij voel. Alsof dat continent beter aansluit op mijn natuur.

Ik leerde de salsa dansen van een Colombiaanse, tijdens een feestje op het strand. ‘Eres Latina de corazón’, zei ze goedkeurend, wat zoveel betekent als ‘jij bent in je hart een Latina’. En ik wilde dat maar al te graag geloven.

De tweede keer bleef ik drie maanden in Peru en ik keerde terug naar België met het vaste voornemen te emigreren. Ik zou nog een jaar werken, geld sparen….en dan definitief vertrekken.

Maar toen kwam een andere liefde in het spel.

peru

Een man van vlees en bloed bij wie het gevoel van thuiskomen nog sterker was.

Neen, Peru, ik ben je nooit vergeten.

Deze keer breng ik mijn thuis naar jou toe. Eens kijken of het ook tussen jullie klikt.

 

Als  iemand die na jaren een oude liefde terug zal ontmoeten, leef ik met verwachtingsvolle vragen. Wat zal ik voelen als ik aankom? Zal het nog hetzelfde zijn? Heeft Peru voor mij nog steeds dezelfde aantrekkingskracht? Zal mijn hart weer van blijdschap opspringen, of zal ik helaas vaststellen dat het een blinde coup de foudre betrof?

 

In het Andesgebergte en het Amazonegebied is het wel eens hard zoeken naar een internetverbinding, maak je niet ongerust als je een hele poos niets van mij hoort.

 

Van zodra ik kan, zal ik jullie laten weten hoe de ontmoeting is verlopen.

 vrouw met kind

10:30 Gepost door Freya in Algemeen | Permalink | Commentaren (14) |  Facebook |

13-12-07

levensblijheid

De zon schijnt binnen en de stralen breken in duizend kleurrijke schilfers in hun val door de kristallen, zorgvuldig voor de ramen gehangen.
Wat is dit popelen in mijn borst? Dit dansen van mijn hart? Dit juichen van mijn ziel?

Ik ben blij. Heel gewoon blij als een kind.
'Ik weet zeker dat ik een van de gelukkigste mensen ter wereld ben,' sms ik naar mijn lief en mijn broer.
Dit gevoel is overweldigend, bijna niet te bevatten.
En het is mijn overtuiging dat veel mensen geluk niet kunnen bevatten, net zomin als verdriet. Net zoals mensen verdriet soms niet ten volle durven te voelen, durven ze ook geluk niet ten volle te voelen. Tenminste, dat merkte ik toch bij mezelf. Ik weet niet of het bij jou ook zo is, soms.
Vroeger, voor de ziekte, durfde ik niet goed genieten van geluk. Schrik dat het over zou gaan. En toen was het meteen over ook, natuurlijk.

Gekkie.

Vandaag adem ik het in. Diep, rijk ademen en met elke teug voel ik de levensblijheid tot in al mijn toppen stromen.

Het is vandaag precies een jaar geleden dat ik mijn laatste chemo kreeg. Toen had ik nooit kunnen denken dat ik me een jaar later zo zou voelen: in harmonie, vredig en goed in mijn lijf.

Dat lijf van mij doet het prima. Gisteren gaf ik voor het eerst in bijna twee jaar een vorming. Dat houdt in: om 6u uit mijn nest en hop de baan op, om 20 mensen 3 uren lang een workshop energizers te geven. Dan ben je toch algauw met opzetten van de boel en weer afbreken, een uur of vijf bezig. En ik stond er! Het ging vlot, ik had er plezier in, mijn geheugen liet me niet in de steek en naderhand was ik niet moe. Geen spatje! Ik tjolde nog heel de middag door Antwerpen met mijn rugzakske en ging 's avonds nog in mijn eentje naar Springsteen kijken.

Ik ben er weer. En dat betekent niet: mijn lijf kan weer vanalles aan. Dat is slechts een onderdeel dat bijdraagt tot mijn geluk.
'Ik' ben er weer betekent dat ik me compleet voel. Ik voel me thuis in de wereld, sta weer te popelen om hem te verkennen, ik ben nieuwsgierig naar andere mensen, kortom, ik ben vriendjes met mezelf en met de wereld.

Die klavertjes vier, weet je nog? Die voorspelden toch alle geluk van de wereld!

 

 

11:42 Gepost door Freya in Algemeen | Permalink | Commentaren (8) |  Facebook |

05-12-07

een dagje ziekenhuis

Met de Humo onder mijn arm en muntjes en chocolade in mijn handtas voel ik me helemaal klaar voor mijn dagje ziekenhuis. Ik heb heel wat op het programma staan.
In de galerij die de doorgang tussen de parkeerplaats en het onthaalgebouw vormt, kom ik de psycholoog tegen.
-Hé! Hoe gaat het?
-Prima, antwoord ik en ik voeg er naar waarheid aan toe: zonet stapte ik uit de auto en dacht ik dat ik me hier in feite wel thuis voel.
-Dàt is leuk, zegt hij.
-Ja hé! Daàg!
In P7, het bestralingsgebouw, loop ik Filip, de knappe verpleger die me altijd hoffelijk op de smalle plank onder de lineaire versneller hielp, tegen het lijf. ’t Is verdorie ferm een proper ventje, denk ik vergenoegd.
-Hé, hoe is’t?
-Geweldig! En met jou?
-Ook goed!
Met opgestoken duim ga ik door naar de wachtkamer, waar in grote manden Nic-nacjes en carolientjes staan, de kleine koekjes waar Zwarte Piet graag mee gooit.
Hé, wat leuk, denk ik.
De meneer in de wachtkamer lacht geamuseerd als ik me direct naar de mand haast en op de stoel vlak er naast plaatsneem.
-‘k Ben erg braaf geweest, verantwoord ik me met een mond vol koekjes. We lachen nog na als de verpleegster me komt halen.

Bij de bestralingsdokter, wiens naam ik niet eens ken, antwoord ik gedwee op zijn routinevragen. Of ik mijn Nolvadex nog neem en of ik veel verdikt ben. Ik weet niet eens wat ik daar eigenlijk kom doen, want hij voelt, net als Van Belle straks zal doen, aan mijn borsten. Jammer dat hij niet een beetje meer op Filip lijkt. Hij mompelt dat mijn bestraalde borst nog steeds warmer is dan de niet bestraalde. Ja, dat had ik ook al gemerkt, maar ik ben blij dat het eens bevestigd wordt. Die bestralingen werken dus nog steeds door.
Prima.

Op weg naar het volgende station neem ik een koffiepauze in de kantine. Gezellig, met mijn boekje, koffie en een koekje. Dan kom ik Martine tegen, de maatschappelijk werkster van de afdeling oncologie en een vroegere klasgenote.
-Hé, wat zie je er goed uit! Ik lees nog steeds mee op je blog hoor!
-Leuk, leuk!
We kletsen gezellig tot het tijd wordt naar mijn volgende afspraak te gaan.

In de wachtkamer van de dagkliniek oncologie is de sfeer helemaal anders. Ik herinner me goed hoe afschuwelijk ik me anderhalf jaar geleden voelde toen ik er zat te wachten op nieuws. Het staat ook nu niet op het voorhoofd van de mensen in de wachtzaal te lezen of ze hier net als ik op controle zijn, of dat ze in bange afwachting zijn van goed of slecht nieuws. Dus hou ik mijn vrolijkheid een beetje voor me.
Er staan bovendien ook geen koekjes die het ijs kunnen breken.
Mijn tijdschrift redt me van al te veel herinneringen.
De Professor komt me halen, geflankeerd door een jonge oncoloog in opleiding, alweer een knappe verschijning. Ik denk dat ze die in het UZ kweken.
Kijk, daar wordt een mens vrolijk van.
De babbel is gemoedelijk, want ik heb per mail aan de professor gevraagd of hij mijn boek- in - wording wil nalezen op medische desinformatie en dat wil hij graag. We keuvelen een beetje over het boek, en dan gaan we zoetjesaan over op de reden van mijn bezoek. Ik vertel dat ik verontrust ben als ik hoor van lotgenoten die hervallen zijn en dat ik dus een onderzoek wil.
Hij gaat er eens goed voor zitten, en legt me nog eens helemaal uit waarom hij daar geen voorstander van is. Ik heb drie doorslaggevende redenen onthouden:
Één: een jaarlijks onderzoek geeft een vals gevoel van veiligheid. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat het sterftecijfer niét hoger ligt bij mensen die geen jaarlijks onderzoek krijgen, integendeel. Stel, ik laat me nu helemaal doorlichten en in januari voel ik hier en daar iets in mijn lijf, heel subtiel. Ik zal mezelf sussen door te denken ‘op de echo was alles ok’ en er is veel kans dat ik, gesust, niet naar de dokter zal gaan.
Twee: een jaarlijks onderzoek spoort slechts in 2% van de gevallen uitzaaiingen op.
Drie: het wachten op de uitslag is lang en wordt door veel mensen als onleefbaar ervaren, alsof je telkens opnieuw die angstige periode moet doormaken als het nog niet duidelijk is of het goedaardig of kwaadaardig is. Zo veel angst voor zo weinig resultaat: is het dat wel waard? 
De Prof opteert er voor om de dingen waar ik me zorgen in maak stuk voor stuk te onderzoeken als ze zich aandienen, zoals die keer dat ik ademhalingsproblemen had en die keer van de steken in mijn zij.
-Jij kent je lijf het best, stelt hij nog. Luister er naar.
Ik ben overtuigd.
Na nog een boel informatie over de menopauzale klachten die ik heb en de nieuwe pillen die ik volgend jaar moet nemen (die de klachten nog gaan vergroten), heb ik bijna een uur bij de prof gezeten.
Tijd voor de lunch! Ik heb afgesproken met mijn nicht Sandra, die in het UZ werkt. We babbelen gezellig over opvoeding van de kinderen en over onze kindertijd en ik moet me haasten om op tijd in de Reiskliniek te zijn, waar Chris en Uma wachten om  onze vaccinaties te halen.

Aan het eind van de dag heb ik het gevoel dat kanker iets bijkomstig is geweest vandaag.
Ik heb vooral veel leuke mensen ontmoet en veel leuke babbels gehad.
Dat het zo moge blijven.

13:26 Gepost door Freya in Algemeen | Permalink | Commentaren (7) |  Facebook |